


In WijnWetensWaardigheden vindt u informatie over wijn en over gerelateerde onderwerpen zoals, wijnopslag, wijnrekken, wijnflessen, kurken, wijnproductie, oogstgebieden, etcetera.
Regelmatig plaatsen we nieuwe artikelen, dus komt u af en toe terug om te lezen of er wijnweetjes in staan die voor u het weten waard zijn!
Nieuws
BRISTOL - Het is onvoorstelbaar, maar in een wijnopslag in Groot-Brittannië zijn maar liefst 57 miljoen flessen wijn opgeslagen.
Meer dan voldoende wijn om vijftien Olympische zwembaden mee te vullen, volgens The Daily Mail. Afgelopen zaterdag werd deze grootste wijnopslag van Europa geopend. Wanneer men alle flessen uit de opslag achter elkaar zou zetten, zullen deze een rij vormen van meer dan 14.000 kilometer. Het gebouw in Avonmouth is zo groot dat men er vierduizend auto's op het dak zou kunnen parkeren. De fabriek, waartoe de opslagruimte behoort, bottelt 800 flessen wijn per minuut. Per dag zullen zo'n 350 vrachtauto's de wijn gaan distribueren
(bron: waarmaarraar.nl)
Steeds vaker kom je wijnen tegen in de supermarkt voor prijzen waardoor wij begrijpen waarom veel wijnproducenten Nederland betitelen als het vuilnisvat van Europa.
Uit statistieken blijkt dat de gemiddelde verkoopprijs van een fles wijn in Nederlandse supermarkten de € 2,85 niet te boven gaat. Op wijn zit 19% btw, op elke fles zit nog € 0,55 accijns en € 0,02 verpakkingsbelasting. Trek je dan nog de kosten af van een fles, een kurk of schroefdop, het etiket , de transport, de opslag, de verdienste van de tussenhandel en de winst van de winkelier dan hoef je geen Einstein te zijn om vast te stellen dat het eigenlijk voor het resterend bedrag onmogelijk is ook maar iets wat op wijn lijkt in de fles te hebben. Een wijnboer moet een jaar lang zijn wijngaarden bewerken, zijn druiven oogsten, hiervan wijn maken die hij ook nog af moet vullen, hiervoor heeft hij waarschijnlijk ook personeel nodig gehad. Uiteindelijk zijn de meeste wijnboeren geen hobbyisten dus tel uit je winst!!!!
(bron: Austrian Trade Consultancy)
De 2 belangrijkste factoren die de kwaliteit van een wijn bepalen zijn de manier waarop de druiven verbouwd worden (viticultuur) en de manier waarop er wijn van gemaakt wordt (vinificatie). Kwaliteitswijnen zijn eigenlijk altijd duurder dan "gewone" wijnen. Bij kwaliteitswijnen zijn de methodes die gebruikt worden voor het verbouwen en vinificatie van de wijn namelijk veel arbeidsintensiever en daardoor kostbaarder en is de opbrengst druiven per hectare veel lager. (De maximale opbrengst per hectare is in Oostenrijk bij de wet vastgesteld.) Minder druiven per wijnstok betekent een intensere smaak. Een wijn van hoge kwaliteit zal dus niet in de winkel liggen voor een erg lage prijs.
Volgens de wet bestaan er geen biologische wijnen, alleen biologische druiven.Wij spreken echter over biologische wijn als die is bereid uit biologisch geteelde druiven. Biologische druiven die met aandacht en zorg voor het milieu zijn geteeld, zonder het gebruik van kunstmest, de toepassing van gentechnologie en met een minimaal gebruik van chemische gewasbeschermingsmiddelen.
In de wereld neemt de biologische wijnbouw toe en zijn vele vermaarde wijnmakers aan het biologisch boeren geslagen. Bij de wijnboeren waar wij onze wijnen inkopen (Gut Altenberg in Gols en Weingut Tscheppe in Leutschach) worden de druiven op deze manier geteeld en zijn ook bij de vinificatie (de wijnmakerij), alle chemische hulpmiddelen taboe, zoals kleur, smaak en aromaverbeteraars, ontzuur- of bijzuurmiddelen, enz. De biologische teelt is 100% milieubewust en volledig veilig voor de gezondheid. Dit kan spijtig genoeg niet gezegd worden van de "gewone" wijnteelt, die voor de gemakkelijkste oplossingen kiest met vooral grote productiviteit en optimaal winstbejag voor ogen.
Biologische wijnbouw is een grote uitdaging in de kwaliteitsverhoging van het wijnmaken. Het is een trapeze-act zonder net, die een uitzonderlijke kennis van het vak en veel finesse benodigd. Het vraagt veel van een wijnboer. In de praktijk betekent dit precies op het juiste moment de nodige stappen ondernemen. Reeds de kleinste misser kan zich in de loop van een wijnjaar desastreus uitwerken. Er zijn geen herstelmogelijkheden als het te laat is. In de laatste 15 jaar is er grote kennis vergaard, welke veel leergeld, moed en geduld hebben gekost.
De benaming "biologische wijn" zegt niets over de smaak van de wijn. Zoals wijnkenner Nicolaas Klei zegt: "met milieubewust idealisme kun je ook vieze wijn maken"
(bron: Austrian Trade Consultancy)
Heeft de muur waartegen uw wijnrek staat een plint? Dan kunt u nu uw wijnen mooi opslaan zonder dat die plint in de weg zit. Door het plaatsen van een sokkel die minder diep is, overbrugt u de plint: de wijnrekken op de sokkel kunnen gewoon tegen de muur geschoven worden, waardoor het geheel stabiel staat en er mooi uitziet.
Klik hier voor de mogelijkheden. Bij model 6 ziet u hoe u de sokkel kunt toepassen. U kunt ook kiezen voor een sokkel (model 7) als u geen plint heeft of voor een verhoogde sokkel (50 cm hoog, model 5) waardoor uw wijnrek de uitstraling van een kast krijgt.
Wilt u uw wijnglazen ophangen in uw wijnrek? Bekijk dan model 8: zowel grote als kleine wijnglazen kunt u hierin kwijt. Onderin dit wijnrek kunt u nog eens 5 a 10 flessen opleggen.
Met wijnwand Kabinett haalt u een prachtig wijnrek in huis. Door de vele mogelijkheden die dit systeem biedt, kunt u oneindig variëren met uw wijnopslag!
Elke wijnliefhebber droomt ervan...eigenaar te zijn van een heuse wijnkelder waarin je uren kan mijmeren. Elke fles wordt met zorg een uniek plekje gegeven, bewierookt en bemind. Liefst nog worden de flessen bevangen met een hoopje stof wat, onverklaarbaar toch, de liefde voor die fles nog groter maakt.
Weet echter dat er niets zo moeilijk is dan het aanleggen van een evenwichtige, goed uitgebouwde wijnkelder. Nu ja, tenzij je miljonair bent uiteraard...
Vooraleer ik het over de problemen wil hebben die zich kunnen voordoen bij het aanleggen van een wijnvoorraad wil ik eerst enkele ‘noodzakelijke' vereisten aantonen waaraan een betrouwbare wijnkelder moet voldoen.
- Horizontaal: Richt uw kelder dermate in dat de flessen te allen tijde horizontaal bewaard
kunnen worden. De kurk moet immers constant vochtig blijven, anders krimpt hij en gaat
de fles lekken
- Geurvrij: een wijnkelder moet vrij zijn van scherpe geuren. Bewaar daarom ook nooit
detergenten, poetsproducten, onderhoudsproducten of voedsel in uw wijnkelder.
- Juiste temperatuur en luchtvochtigheid: De meest geschikte temperatuur voor het
opslaan van wijn is 11-13 °C. Haal je die temperatuur niet moet je niet onmiddellijk in
paniek slaan en een airco installeren. Het behouden van een constante temperatuur van
pakweg 15 °C is veel belangrijker dan een kelder te hebben waar er een constante
temperatuurschommeling in plaatsvindt. Daarnaast is luchtvochtigheid belangrijk. In
een te droge omgeving kunnen kurken namelijk uitdrogen, zeker bij langdurige
wijnopslag. Ze sluiten dan niet goed meer af en de wijn komt in contact met zuurstof en
zal bijgevolg zijn goede eigenschappen verliezen. Indien je etiketten beginnen te
beschimmelen is dit een teken dat de ruimte voldoende vocht bevat, indien de etiketten
loskomen, is je kelder te droog. Heb je een te natte kelder bedek de vloer dan met
kiezelsteentjes.
- Licht: Wijn houdt van donkere ruimtes en een teveel aan licht doet het
verouderingsproces van de wijn versnellen. Tl lampen zijn dus absoluut uit den boze.
- Ventilatie: Zorg ervoor dat er minstens één keldergat is in uw wijnkelder zodat de
aanwezige lucht kan verversen. Ideaal zou zijn dat je dit keldergat zou kunnen afsluiten
tijdens strenge winters en hete zomers.
- Trillingsvrij: Is uw kelder niet trillingsvrij zorg dan voor een systeem (vb latjes) waardoor
uw flessen toch stabiel kunnen blijven liggen. Vermijdt om die reden dat er bv een
wasmachine in de kelder zou staan.
1. Help ik heb geen plaats!
Het eerste en met voorsprong het grootste euvel dat je kan overkomen. Zeker vandaag de dag is het niet meer vanzelfsprekend dat elke woning uitgerust is met een kelder. Vele mensen wonen op een appartement en daar zijn de ruimtes uiteraard beperkt.
De wijnindustrie is natuurlijk niet blijven stilstaan en heeft ondertussen oplossingen naar ieders maat en budget. De duurste is het installeren van een klimaatkamer die wordt ingericht als opslagplaats voor uw wijnen. Je moet echter over de ruimte én over de centen beschikken om tot dergelijke investering te kunnen overgaan.
Meer aangewezen zijn de klimaatkasten die er in alle maten en gewichten bestaan en die je wellicht ergens in een vrij hoekje kan plaatsen. Oef...probleem opgelost. Wijn kopen maar!!!
Een goede tip: Heb je een trap dan is de ruimte onder de trap vaak ongebruikt en kan ze bijgevolg ideaal om als wijnopslagplaats in te richten.
2. Het kopen van wijn
Heel belangrijk: wijn koop je niet zonder hem geproefd te hebben! Hoe fel sommige wijnen ook bejubeld worden, wijn kan je beter eerst aan je eigen smaakpatroon onderwerpen vooraleer je hem besluit aan te kopen. Elke wijn is immers verschillend en het is belangrijk dat je de kelder opbouwt met wijnen die je zelf ook graag hebt. Vertrouw daarom enkel en alleen op je eigen smaak.
Laat je niet leiden door het design van het etiket, de fles of de verpakking. De marketingwereld zit immers vol gladde jongens die voor een verleidelijke uitstraling kunnen zorgen. Het is inhoud in het glas of de fles die telt.
Uiteraard wil dit niet zeggen dat je je niet mag laten bijstaan met raad en advies van een professional. België is één van de meest verwende wijnlanden ter wereld. In elke gemeente kan je ondertussen wel een wijnhandel vinden die je maar al te graag met raad en daad wilt bijstaan. Advies is trouwens gratis!
3. Het opbouwen van een evenwichtige wijnkelder
Geduld is het geheim tot het opbouwen van een evenwichtige wijnkelder. Je moet immers een ideale mix weten te vinden tussen uw Champagnes en schuimwijnen, uw witte, rode en rosé wijnen, uw zoete wijnen en versterkte zoete wijnen. En alsof dat nog niet voldoende is heb je ook nog eens de jonge en oudere wijnen en de zovele verschillende druivenrassen, landen en streken.
Ben je trouwens een beginnende wijnliefhebber, ga dan niet als een gek je kelder volstouwen met de wijn die je zo graag lust. Wees geduldig want je zal ervaren dat naarmate je proefervaring stijgt je smaakprofiel zich zal wijzigen. Het zou niet de eerste keer zijn dat je moet vaststellen dat de wijn die je toen toch zo lekker vond je plots helemaal niet meer bevalt.
Ben je een geoefende wijnliefhebber dan kan je de kelder naar hartelust gaan opbouwen. Je hebt immers je eigen smaak bepaald en kan je er dan ook vlekkeloos door laten leiden. Tevens zal je een over een breder pallet beschikken. Je kan dus naar hartelust combineren met de druivensoorten, soorten wijn en landen (streken) die je voorkeur wegdragen.
Waar je echter op moet toezien is dat je een evenwicht hebt tussen de onmiddellijk drinkbare wijnen en de wijnen die nog jaren rijping nodig hebben. Dit is zeer moeilijk om onmiddellijk te bereiken en vraagt vaak jaren geduld. Wees dan ook op je hoede met je koopwoede om toch maar al die gaatjes in je kelder te vullen. Voor je het zelf goed in de gaten hebt zijn er vele flessen vervallen tot enkel maar wijnazijn.
Het volgende overzicht geeft een paar algemene richtlijnen. Een goede mix hiervan helpt je bij het opbouwen van een evenwichtige wijnkelder. We delen de wijnen hierbij op in 5 categorieën:
Categorie 1: Wijnen die jong moeten gedronken worden. Hun grootste kwaliteit is frisheid en ze worden er met de jaren niet beter op. Drink ze reeds enkele maanden na aankoop.
Voorbeelden: Vooral witte tafelwijnen, de meeste roséwijnen, de meeste schuimwijnen en de nouveau wijnen zoals Beaujolais nouveau...
Categorie 2: Wijnen die op dronk zijn als ze 1-3 jaar oud zijn. Deze wijnen hebben een korte periode op fles nodig om te bezinken, hun aroma te ontwikkelen, zuurtegraad of tannine te verzachten.
Voorbeelden: Sancerre, Pouilly fumé, Chablis, de gewone Elzasser wijnen, witte Bordeaux, Chardonnay en Sauvignon uit de nieuwe wereld, eenvoudige Champagnes, de meeste eenvoudige rode wijnen zoals onder andere Beaujolais, Côte du Rhône, eenvoudige Bordeaux en Bourgognes, Languedocs...
Categorie 3: Wijnen die op dronk zijn als ze 3-5 jaar oud zijn. Deze wijnen worden subtieler door rijping op fles.
Voorbeelden: Goede Bourgognes/ Graves/ Sauternes/Champagne, Alsace Grand Cru, Zeer goede Chardonnay uit de nieuwe wereld. De meeste Bordeaux zoals Médoc, Saint-Emilion, Fronsac. Crianza's of zelfs al Riserva's. Shiraz uit de nieuwe wereld...
Categorie 4: Wijnen die op dronk zijn als ze 5-8 jaar oud zijn. Klassieke wijnen die op fles moeten rijpen om hun ware aard te tonen.
Voorbeelden: De beste Bourgognes/graves/Sauternes/Champagnes. De betere Chenin Blanc uit de Loire. Goede wijnen uit de noordelijke Rhône en Châteauneuf-Du-Pâpe, De meeste geklasseerde Bordeaux. Goede Barolo, goede Rioja, de beste Australische Shiraz...
Categorie 5: Wijnen die hun hoogtepunt bereiken na 8 jaar: Dit zijn de grootste wijnen van de beste oogsten.
Een goede tip: Dit overzicht is klassiek opgebouwd. De laatste jaren is de stijl van het wijnmaken aangepast aan de behoefte van de huidige drinker. Steeds meer zijn de wijnen op jonge leeftijd reeds toegankelijk en laten ze zich in hun jeugd reeds smaken. Je hoeft daarom geen jaren te wachten om toch eens van een goede fles te kunnen genieten.
Het stockeren van de flessen
Zoals reeds voorheen aangehaald bewaar je de flessen het liefste horizontaal zodat de kurk niet kan uitdrogen. Eenvoudige wijn die je slechts voor korte tijd moet bewaren kan probleemloos verticaal bewaard worden. In enkele maanden tijd droogt de kurk niet uit.
Verpakking kan belangrijk zijn als je de wijn wil bewaren. Spijtig genoeg zijn de houten kistjes tegenwoordig bijna een rariteit geworden en worden enkel de dure topwijnen hierin nog verpakt. Deze kistjes zijn ideaal om de flessen in te bewaren. Kartonnen dozen is vandaag het verpakkingsmiddel bij uitstek. Ook deze zijn geschikt om de wijn in te bewaren maar toch moet je hiermee oppassen. Het karton mag vooral niet nat worden want anders neemt de wijn de muffe geur op. Ook een lange stockage in kartonnen dozen zou dit wel eens die muffe geur kunnen teweeg brengen.
Geef je flessen steeds een strategische plaats in de kelder. Dit kan je doen volgens een methode waar je zelf het beste je weg in vindt. Zo kan je opteren om de wijnen per land of per streek in te delen. Je kan de flessen ook indelen in functie van het ‘op dronk' zijn of komen. Of je kan opteren om ze per druivenras in te delen.
Bij het bewaren en stockeren van wijn hoort eveneens een goed kelderbeheer systeem. De aloude methode van het kelderboek is in dit moderne tijdperk meer en meer vervangen door een computer met heus kelderbeheer software. De echte nerds plaatsen zelfs een speciale computer hiervoor in de kelder. Ervaring leert ons echter dat je enorm punctueel moet zijn en bovendien over veel discipline moet beschikken om je kelder steeds up-to-date te houden.
Deze moderne software bevat echter al de nodige informatie die u zelf naar hartelust kan bepalen en waaruit u de nodige lijstjes kan trekken. Ideaal om te weten welke flessen staan te springen om in het glas te belanden!
Een goede tip1: Als je wijn wil bewaren en laten rijpen is een magnum de ideale inhoudsmaat. Een magnum heeft een inhoud van anderhalve liter. Grotere volumes worden trager oud, kleinere sneller.
Een goede tip 2: Maak in je kelder steeds een kleine ruimte (een rekje) vrij voor de niet-wijnfreaks uit je gezin. Dit rekje bevoorraad je met flessen die te allen tijde gedronken mogen worden. En breng je dierbaren hiervan vooral op de hoogte. Op die manier zal je vele krachttermen uitsparen en verminder je het risico dat je jongste zoon/dochter net jouw beste fles heeft soldaat gemaakt op zijn privé-feestje.
(bron: www.wijnkennis.be)
Wie heeft het wijnvat uitgevonden; was dit een Kelt, een Galliër of een Griek? De geschiedenis heeft de Galliërs de eer gegund. Waar het bij een wijnvat om gaat is dat de wijn kan rusten en zichzelf kan ontwikkelen alvorens geflest te worden. De meeste vaten zijn gemaakt van eikenhout omdat dit zich het beste leent om wijn te laten rijpen waarbij de geur en inwerking van het hout de wijn een eigen karakter geeft.
Op hout gerijpte wijnen hebben een typische toon van vanille in de smaak.
Het gebruikte hout van de zomer en winter eik is tussen de honderdvijftig en tweehonderd jaar oud. Het hout wordt gekloofd en niet gezaagd om het goed dicht te laten. De stukken hout worden daarna in de openlucht gelegd. De inwerking van droogte regen zon en wind zorgen ervoor dat het hout uitloogt en zachter wordt. De inwerking van enzymen van een kleine zwam zorgt ervoor dat de bittere stoffen in het hout vervagen en uiteindelijk uit het hout zijn verdreven. Na al deze stappen is het hout gereed om tot duigen te worden verwerkt waarna er vaten van kunnen worden gemaakt.
|
|
Het buigen van de duigen gebeurd door verhitting boven een vuur waardoor het soepel wordt en gemakkelijker in de juiste vorm kan worden gedreven. Het vat wordt door stalen ringen (hoepels) in vorm gehouden en de beide zijden worden voorzien van een bodem. De mate van verschroeien van het hout wordt aangeduid als toast (diverse toasts zijn: light, medium etc.) en geeft hiermee ook een bepaalde geur-smaak nuance aan de wijn. |
Inhoudsmaten van vaten:
|
Loiredal: |
piéce 220 liter. |
|
Mâconnais: |
piéce 215 liter. |
|
Rhônedal: |
piéce 225 liter. |
|
Zuid-Frankrijk: |
démi- muid tussen de 600 en 700 liter. |
|
Champagne: |
queue 216 liter; démi queue 108 liter. |
|
Loiredal: |
piéce 220 liter. |
|
Chablis: |
feuillette 132 liter. |
|
Beaujolais: |
piéce 216 liter; feuillette 108 liter; quartaut 54 liter. |
|
Elsaz: |
foudre 1000 liter; aume 114 liter. |
|
Bourgogne: |
piéce 228 liter; queue 456 liter; feuillette 114 liter; quartaut 57 liter. |
|
Bordeaux: |
piéce 225 liter, (24 kratten van 12 flessen); tonneau 900 liter; feuillette 112 liter, quartaut 56 liter. |
|
Italië: |
Romeinse amfoor standaardmaat 26,26 liter; Botte soms wel 18.000 liter |
|
Griekenland: |
Griekse amfoor standaardmaat 19,7 liter |
|
Algemeen: |
Barrique, Piéce of Okshoofd, een groot vat van tussen de 216 en 232 liter; een vat zo groot als de kop van een os. |
|
Algemeen: |
Anker, een vat van 36 liter; komt overeen met 48 flessen wijn; zes ankers is een okshoofd. |
Bin nummer = Vat nummer
Voor de term bin staan meerdere betekenissen zoals: kist, bak, mand of wijnrek. In het geval van een wijn aanduiding is de betekenis hiervan wijnvat. In de begin jaren van wijnbouw in de nieuwe Wereld kreeg elk wijnvat een nummer. de wijn uit een wijnvat kreeg het nummer van het betreffende wijnvat met als aanvulling de gebruikte druivesoort. deze Bin methode bestaat niet meer zoals vroeger bedoeld was, maar wel is deze traditie in ere gehouden door bepaalde wijnen te voorzien van een etiket met wijnhuis, Bin nummer en druivesoort.
(bron: www.dewijnhoek.nl)
Hoe belangrijk zijn oogstjaren?
Hoe belangrijk is het oogstjaar van een wijn? Het antwoord is: enigszins.
Oogstjaren doen er vandaag de dag eigenlijk maar in heel beperkte mate toe. Het hangt er een beetje van af wat je zoekt: drinkbaarheid of bewaarpotentieel. In 9 van de 10 gevallen zal dat het eerste zijn, en daar worden verreweg de meeste wijnen tegenwoordig op gemaakt.
Overal ter wereld, zowel in Europa als daarbuiten in de zogeheten Nieuwe Wereld, zijn er van jaar tot jaar verschillen in klimatologische omstandigheden. Feit is wel dat de grootste schommelingen zich voordoen in Europa. Hierbij moet overigens direct worden aangetekend dat Europa niet hetzelfde is als Bordeaux. Dat gebied haalt weliswaar jaarlijks de media, maar is daarom nog niet maatgevend voor de rest van Frankrijk, laat staan voor de rest van Europa of de wereld.
Het belang van oogstjaren voor de kwaliteit van wijn is de afgelopen decennia sterk afgenomen door de toegenomen technische kennis en vaardigheden van wijnproducenten. Zelfs in 'moeilijke' jaren kan tegenwoordig nog steeds een kwalitatief goede wijn gemaakt worden door strenge selectie in zowel de wijngaard als de kelder.
Bovendien zijn de technieken van wijn maken structureel veranderd. Gold vroeger het principe dat goede wijnen alleen die wijnen waren die zich pas na lange tijd ontwikkelden, tegenwoordig worden de meeste wijnen gemaakt op snelle drinkbaarheid. Dit wil overigens allerminst zeggen dat wijnen die snel drinkbaar zijn geen houdbaarheid zouden hebben.
Relatief 'lichte' jaren hebben het vaak voordeel dat de wijnen vroeger op dronk zijn en makkelijker inzetbaar bij gerechten dan wijnen uit zogenaamd 'grote' jaren. En een bewaarwijn is niet per se een toegankelijke drinkwijn.
(Bron: www.wijn.nl)
Bij Christie's in Genève is dinsdag een wijnfles geveild voor bijna 220.000 euro. Volgens het veilinghuis is er niet eerder zoveel voor een wijnfles betaald.
Geveild werd een zogenaamde Imperial (6 liter) Château Cheval Blanc uit 1947. Voor kenners is een Cheval '47 een legendarische wijn die geldt als dé maatstaf voor de Bordeaux. In de film Ratatouille bestelde de gevreesde fijnproever Anton Ego niet voor niets een fles van deze wijn.
De Cheval Blanc-wijngaard is 37 hectare groot en bevindt zich ten oosten van St. Emilion, een bekend wijngebied aan de oever van de Dordogne. Uit dit gebied komen meer bekende wijnen, zoals de Château Ausone, Château Beauséjour en de Château Clos Fourtet.
De nieuwe eigenaar van de zes liter Château Cheval Blanc betaalde in totaal 219.994 euro.
(bron: www.historiek.net)
Rode wijn wordt gemaakt door rijpe, gezonde druiven te oogsten, in een speciaal apparaat te kneuzen en dan te laten gisten en weken met schillen en pitten.
Na het kneuzen worden de druiven eerst machinaal ontsteeld, want in de steeltjes zit heel veel tannine (looizuur), dat wijn wrang maakt. Als de druiven van een uitzonderlijk goed jaar zijn en veel smaakstoffen en suikers hebben en het druivenras het kan hebben, dan worden soms wat steeltjes bij de wekende, gistende massa gedaan. Zo’n wijn kan langer bewaard worden.
Vanaf het moment dat de most (het druivensap) met de schillen en pitten gaat gisten, begint het leven van de wijn. De wijnmaker voegt meestal eigen gistcellen aan de most toe, omdat de natuurlijke gistcellen die op de druivenschillen zitten soms ‘wilde’ gistcellen bevatten. Zij kunnen het gistingsproces kunnen verstoren. Biologische en biodynamische wijnmakers proberen zoveel mogelijk met de eigen gistcellen van de druif te werken of met een soort gistcellen die eigen is aan de omgeving waar de druif groeit, voor een authentiekere smaak. De gisting start als de most zo’n veertien graden warm is; bij een graad of vijfendertig, gaan de gistcellen vanzelf dood. Bij rode wijn verloopt de gisting normaal gesproken in zes tot veertien dagen, omdat dan het maximale alcoholgehalte is bereikt. De gistcellen eten de suikers op en zetten deze met behulp van zuurstof om in alcohol, maar meer dan veertien tot vijftien procent kunnen gistcellen niet hebben, dan sterven ze af en zakken naar de bodem. Twee factoren bepalen dus het leven van de gistcel: de temperatuur en het alcoholgehalte. Wijn ontstaat door een balans tussen die elementen.
Voor een goede extractie van kleur en smaakstoffen is een temperatuur tussen de achtentwintig en drieëndertig graden nodig – op dat moment is de wijn-in-wording in een kritieke fase, want door warmte bijna aan het sterfteplafond van de gistcel. De wijnmaker blijft soms gedurende de nacht in de kelder om de temperatuur te controleren.
Vroeger werden de houten vaten wijn met koud water nat gespoten om de temperatuur te verlagen. Tegenwoordig gebeurt dat allemaal in vaten waarin kleine buisjes zitten geïmplanteerd, die koud water langs de binnenkant van het vat laten circuleren, geheel computer gestuurd. Toch zal geen serieuze wijnmaker rustig slapen als de rode wijn in de kritieke fase is.
Na de gisting blijft de wijn, afhankelijk van zijn kwaliteit en het druivenras, nog een tijdje weken op de lie, de massa schillen en pitten, (macereren). De vaste massa wordt regelmatig door de vloeistof heen geduwd om nog meer kleur te extraheren. Na maximaal drie weken is de rode wijn klaar, tenminste – dan is hij geboren. Om te bekomen van de ingrijpende chemische processen van de afgelopen weken mag de jonge wijn een beetje uitrusten. Voor wijnen die niet verder op houten barriques (vaten van 224 liter) rijpen, is dat een rustperiode van circa een half jaar op stalen vaten. Ze zijn dan natuurlijk ontdaan van hun schillen en pitten. De wijnen die houtrijping ondergaan, worden overgeheveld op de barriques of foeders (vaten van 600 tot 1200 liter). Daar brengen ze hun jeugd door, variërend van acht tot vierentwintig maanden. De barriquewijnen worden regelmatig overgestoken op schone vaten om restjes bezinksel te verwijderen en de wijn helder te maken – hiervoor ondergaan ze vlak voor het op fles brengen ook nog een extra klaring en/of filtering.
De meeste wijnen – tachtig tot negentig procent van de totale wereldproductie - worden gebotteld als ze ‘klaar’ zijn. Dit is op noordelijk halfrond in april of mei van het jaar na de oogst en op het zuidelijk halfrond een halfjaar eerder: ze zijn snel volwassen geworden en kunnen nog een paar jaar na hun geboortejaar goed gezelschap voor ons zijn. Het kleine percentage wijn dat in houten vaten heeft gerijpt, kunnen we dan al kopen of bestellen, maar moet in onze kelders of die van de importeur nog volwassen worden. Drinken we hem immers te vroeg, dan spartelt hij nog wel eens tegen, omdat hij nog niet ‘klaar’ is: zijn tannines, zuren, extractstoffen en alcohol zijn nog niet in balans. Drinken we hem echter te laat – wat helaas nog te vaak gebeurt – dan hebben we grote kans een overjarige wijn in het glas te krijgen, met bijbehorende kwaaltjes zoals verzuring, verlies aan souplesse en algehele verzwakking van het gestel.
(Bron: www.wijninfo.nl)
Witte wijn ondergaat voor een deel dezelfde bewerkingen als rode wijn, in de eerste plaats natuurlijk de alcoholische gisting.
Het grote verschil met rode wijn zit hem in het feit dat er voornamelijk witte druivenrassen worden gebruikt en dat de rode rassen ook direct geperst worden, zodat de schil geen kleurstof kan afgeven. De gisting vindt plaats zonder schillen of pitten. Hoewel er geen of nauwelijks kleurstoffen in witte druiven zitten, worden ze toch direct bij de kneuzing en ontsteling geperst en gescheiden van het sap. Het sap komt hierna tot rust en wordt vaak voor een betere klaring van de most gekoeld tot zo’n vier graden. Dan slaan de microscopisch kleine organische deeltjes die na de persing zijn blijven zitten neer en wordt de most helder. Er is dan natuurlijk helemaal geen sprake meer van natuurlijke gistcellen en er worden dus bij witte wijn altijd gistcellen van buitenaf toegevoegd.
Na de alcoholische gisting hoeft de wijn niet te weken, want er is geen sprake van extractie uit schillen of pitten. Witte wijnen krijgen wel, net als rode, de tijd om tot zichzelf te komen van de turbulente gistingstijd. Wijnen die gemaakt worden om snel te drinken en gebaat zijn bij een frisse smaak, worden na de alcoholische gisting en de rusttijd op stalen vaten direct gebotteld. Wijnen met meer smaakvolume – vooral die afkomstig van de chardonnay-druif – ondergaan nog een melkzure of malolactische gisting. De scherp-frisse appelzuren worden dan bij een gecontroleerde temperatuur omgezet in zachtere melkzuren. Dit zijn ook meestal de wijnen die, in combinatie met deze gisting, op hout narijpen.
De meeste witte wijnen worden in februari/maart gebotteld, op het zuidelijk halfrond in augustus, nadat ze gerust hebben in stalen vaten op een temperatuur van rond de acht graden.
Een aantal van de bekendste druivenrassen, zoals chardonnay, sémillon en soms sauvignon blanc (vaak in de klassieke witte wijnen uit de Médoc en de Pessac-Léognan en Graves, in combinatie met sémillon), wordt smaakrijker door een opvoeding op hout, soms apart, meestal in een blend. Minder intensief dan rode wijn, want witte wijnen hebben een lichtere smaakstructuur door het ontbreken van tannines. Er zijn echter ook wijnen die helemaal geen houtrijping nodig hebben om een erg mooie geur en smaak te hebben, zoals die van de rassen riesling, chenin, pinot gris, melon (de druif voor Muscadet) en – vaak - sauvignon blanc. Deze wijnen worden daarom vaak alleen in stalen vaten bewaard; sommige, vooral rieslingwijnen, gaan vervolgens in foeders voor een rijping van soms wel twaalf tot achttien maanden. Een foeder geeft geen houtsmaak meer af, maar zorgt voor een uiterst subtiele ontwikkeling van de wijn door een heel langzame wisselwerking tussen wijn en zuurstof, die door microscopisch kleine scheurtjes of gaatjes in het hout binnendringt en inwerkt op de enorme hoeveelheid wijn. Deze wijnen zijn door hun eigen karakter minstens even complex van smaak als de op barriques gerijpte witte wijnen.
(Bron: www.wijninfo.nl)
Over het aanleggen van een wijnvoorraad.
Misschien krijgt wijn je uiteindelijk in zijn greep. Wie een beetje een eekhoorninstinct heeft, zal toch ooit een kleine voorraad wijn willen verzamelen, zodat hij niet voor elke gebeurtenis naar de winkel hoeft te lopen, maar ook eens in zijn privé-voorraad kan duiken.
Kelderperikelen
Onze huizen zijn niet meer zo ingesteld op bewaardriften, dus moet een wijnkelder of -opslag meestal kunstmatig worden aangelegd. Waar je je wijn ook neerlegt, zorg dat de temperatuur niet te snel wisselt en dat deze bij voorkeur nooit boven de vijfentwintig graden en onder de zes graden komt. Laat het er donker zijn, niet te droog en trillingsvrij, geurloos ook. Want wijnen die worden weggelegd om over vijf of tien jaar te worden gedronken, kunnen een permanente geur van bijvoorbeeld petroleum of benzine opnemen door de kurk, die zorgt voor een microscopische wisselwerking tussen buitenlucht en wijn.
Heb je geld en de ruimte, dan is een wijnbewaarkast de snelste en makkelijkste aanschaf. Ze zijn er in heel chique modellen met een capaciteit van maximaal tweehonderd flessen. Een goedkoper alternatief is een kleine ruimte isoleren en er een koelaggregaat in laten monteren. Deze verbruiken weinig stroom en in een kleine ruimte kun je veel kwijt. Kruipruimtes zijn ook geschikt, mits de vochtigheidsgraad niet boven de 90 % ligt, dan gaan de etiketten los zitten (je kunt dat overigens verhelpen door elke fles in plasticfolie in te pakken). Zijn deze mogelijkheden niet realiseerbaar, dan kun je soms wijnen opslaan bij het bedrijf waar je ze koopt.
Een wijnvoorraad
Voor de opbouw van een wijnvoorraad is tijd, interesse en geld nodig. De eerste jaren moet je naast je lange termijn kelder ook wijnen blijven kopen voor het dagelijks gebruik, want het is zonde om wijnen die zich nog op fles ontwikkelen te vroeg te drinken – hoewel te laat erger is. Natuurlijk is je voorraad afhankelijk van je ruimte. Je kunt je kelder aanpassen aan je privé-smaak, maar denk ook eens aan je gasten en bouw een mooi tableau op. In een complete kelder ligt altijd een goede portie gesorteerd rood uit diverse landen, iets minder wit met hout- of foederrijping (zoals de betere Duitse en Oostenrijkse witte wijnen), een aantal flessen mousserende wijn en/of champagne, een paar mooi jaargangen vintage port, droge kwaliteitsmadera (sercial en verdelho, voor de liefhebber van zoet ook malmsey) en sherry (bijvoorbeeld amontillado en oloroso). Leg van kwetsbare wijnen zoals frisse witte wijnen en rosé’s, nooit meer op dan je in een jaar kunt drinken. Ook champagnes kunnen soms te lang in een kelder liggen door hun aura van ultieme feestwijn - waardoor hun sprankeling verdwijnt en het feest geen feest meer is. Alleen millésimes of jaargangchampagnes kunnen jaren liggen, waarbij ze alleen maar mooier worden, maar anders dan gewone champagnes.
Wijn is een levend product en daarmee onderhevig aan problemen en fouten. Het bekendst en beruchtst daarvan is 'kurk'.
Kurksmaak kan zowel in een goedkope als in een dure fles voorkomen.
Het verschijnsel kurk maakt een wijn ondrinkbaar, maar het is niet altijd de kurk zelf die daaraan schuldig is, al heeft men dat wel lange tijd gedacht. Ook kan de mate waarin een wijn is aangetast variëren. Echte kurksmaak is echter onmiskenbaar: de wijn ruikt muf en chemisch, naar nat karton, en in de mond geeft hij een onaangenaam bittere nasmaak.
Kurksmaak, in wetenschappelijk jargon trichlooranisol of TCA genoemd, is het gevolg van een chemische verbinding tussen een schimmel die voorkomt in de kurkbast of op de plek waar de wijn wordt gemaakt, en de wijn in de fles. Een wijn kan zodoende al in een vroeg stadium kurk oplopen; met ouderdom heeft het niets te maken. Kurken moeten daarom met uiterste zorg gereinigd worden. Eerst direct na de oogst, dan na de droging en vervolgens nog een keer voor ze op de fles gaan.
Onderzoek heeft uitgewezen dat de kurkschimmel zich ook in allerlei vormen van hout kan ophouden, met name in niet goed schoon gehouden oudere vaten of in geïmpregneerd hout. Zowel bij kurkproducerende bedrijven als wijnbedrijven heeft dit geleid tot een verscherping van de hygiënische eisen. En tot de opkomst van alternatieve afsluitingen als synthetische kurken, schroefdop (Stelvin) en glazen stop (VinoLok).
Doe bij een verdachte wijn de kurk onmiddellijk weer op de fles en ga er mee terug naar de leverancier. Die is meestal wel bereid een nieuwe fles te geven, mits de probleemfles niet al half leeggedronken is. Voor wijn in het restaurant geldt precies hetzelfde. Gebruik een verdachte wijn nooit voor de saus. Ook daarin zal de kurksmaak te proeven zijn!
Enige voorzichtigheid is wel geboden, wanneer er een verdenking van kurk bestaat. Wijnen met veel tannines, met reductie (gebrek aan zuurstof) of met een uitgesproken mineraal karakter kunnen een indruk van kurk geven zonder dat daar werkelijk aanleiding toe is. Goed beluchten, in het glas of in een karaf, zorgt voor meer duidelijkheid. Door het contact met lucht verdwijnen bepaalde storende geurtjes, maar kurk niet. In tegendeel zelfs.
Wijndrinkers zijn soms zelf de veroorzakers van problemen in hun wijn. Wie een aangebroken fles afsluit met de originele kurk en die kurk met de bovenkant naar beneden in de hals stopt, loopt een risico. Op de bovenkant van de kurk zie je immers nogal eens schimmels of andere viezigheid. Vermijd dat die in contact komen met de wijn.
(bron: www.wijninfo.nl)
Een paar interessante getallen over de kurkproblematiek.
Wereldwijd wordt jaarlijks 22,5 miljard liter wijn geconsumeerd. Hiervan komt 13,8 miljard liter in flessen. Dat houdt in dat er jaarlijks 18 miljard flessen gevuld worden, waarvan 41% met natuurkurk.
Een natuurkurk heeft ongeveer 800 miljoen poriën.
Er zijn wereldwijd ongeveer 2.2 miljoen hectare kurkbos (33% in Portugal en 23% in Spanje).
De jaarlijkse productie is ongeveer 340.000 ton.
Kurk wordt gewonnen uit de schors van de kurkeik (Quercus suber L.) in landen rond de Middellandse Zee. De bomen leven ongeveer 200 jaar. Wanneer de kurkeik ongeveer 25 jaar oud is word de schors geschild en verwerkt tot producten van kurk. De eerste 2 oogsten leveren een mindere kwaliteit. Na het schillen duurt het 9 jaar voor de schors zo dik is, dat er weer kurk van kan worden geoogst.
Steeds meer wijnen worden afgesloten met een schroefdop in plaats van een kurk. In de toekomst zal het gebruik van de schroefdop steeds meer toenemen. Zowel bij eenvoudige als bij exclusieve wijnen. Hoewel het gevoelsmatig even wennen zal zijn, zijn er veel redenen waarom een schroefdop de voorkeur verdient boven de natuurkurk.
Ten eerste wordt de natuurkurk steeds schaarser.
De tweede en misschien wel belangrijkste reden is dat de wijn die met een kurk wordt afgesloten, altijd onderhevig is aan de inwerking van zuurstof en kans loopt op bacteriële infecties. Dit heeft te maken met het feit dat kurken uit materiaal bestaat wat na verloop van tijd vergaat. Omdat het een natuurproduct is dat zuurstof doorlaat, zal er altijd een mate van onvoorspelbaarheid zijn met betrekking tot de conditie van de wijn. Goed om te weten is dat er voor de ontwikkeling van de wijn geen zuurstof nodig is.
Bij gebruik van schroefdoppen worden de risico's tot een minimum teruggebracht. Door de schroefdop gelden voor alle flessen dezelfde condities. Zeker witte wijnen bleken zeer gebaat bij deze nieuwe vorm van afsluiting. Ook rode wijnen hebben voordeel bij een schroefdop, omdat deze het risico van kurkinfectie uitsluit.
De schroefdop heeft behalve de grote betrouwbaarheid van de kwaliteit van de wijn ook nog het praktische voordeel dat het openen en sluiten van de fles in een handomdraai gebeurt.
Verder hoeft de wijn niet meer liggend te worden bewaard, wat ook zijn voordelen kan hebben. Tegenwoordig kunnen kwalitatief goede wijnen met schroefdop al tot 10 jaar bewaard worden. De verwachting is dat in de komende jaren de natuurkurk helemaal zal verdwijnen.
(bron: www.paulvetter.com)
De teelt van wijndruiven neemt in Nederland nog steeds toe, maar de grote groei is er uit. Dat blijkt uit cijfers van het CBS.
Nederland telde in 2009 87 wijnboeren, zes meer dan een jaar daarvoor. Het teeltoppervlak van wijndruiven nam toe met 4 hectare tot 147 hectare, dat is goed voor bijna 750.000 flessen wijn, aldus het CBS.
Tien jaar geleden begon de grote opmars van wijnboeren in Nederland omdat er nieuwe druivenrassen beschikbaar kwamen die goed gedijden in een koud klimaat. Tussen 2003 en 2008 groeide het areaal gemiddeld met ruim 21 hectare per jaar. Van 2007 op 2008 nam het nog toe met 38 hectare, maar vorig jaar vlakte de groei plotseling af.
“Het is de natuurlijke loop der dingen” reageert wijnbouwer Jan Oude Voshaar. “Ik had dit wel verwacht, want het kan niet tot in de hemel groeien.” Oude Voshaar is vanwege het mooie weer druk met de oogst in zijn biologische wijngaard op de Wageningse Berg.
Nederlandse wijn blijft een nicheproduct, zegt Oude Voshaar. De kosten zijn hoog door dure grond en dure arbeidskrachten. Daardoor kan hij niet concurreren met goedkope wijn uit Chili en Zuid-Afrika. Nederlandse wijn heeft alleen kans van slagen in het dure segment als hij een goede kwaliteit heeft, zegt Oude Voshaar.”Maar met een fles van 10 euro bedien je slechts een paar procent van de markt.”
Gelderland heeft met 27 wijnboeren van alle provincies de meeste druiventelers., en ook de grootste. Met een gemiddelde teeltoppervlakte van 2,1 hectare steken zij uit boven het Nederlandse gemiddelde van 1,7 hectare per wijnboer. Samen met Overijssel herbergt Gelderland meer dan de helft van het Nederlandse wijnareaal. Ze lijken uit te groeien tot de wijnprovincies van Nederland. In 2003 hadden zij samen nog maar 13 procent van het areaal.
(bron: NRC)
Bewaar- of oplegwijnen koop je bij voorkeur bij bedrijven waar proeverijen worden georganiseerd, zodat je kunt proeven voor je gaat kopen.
Voor proeverijen kun je je opgeven en deze zijn meestal kosteloos of voor een niet te groot bedrag te bezoeken. Je leert het meeste door wijn te proeven, erover te praten en advies te vragen. Proeverijen zijn niet eng en je hóeft niets te zeggen, je kunt bijvoorbeeld eerst alleen maar luisteren en voor jezelf wat opschrijven. Niemand kijkt o van een stille proever. Bovendien: andermans mening is ook relatief. Denk nooit dat je niet kunt proeven omdat je het nog nooit hebt gedaan. Als je aandacht en concentratie kunt opbrengen en er plezier in hebt, ontwikkel je snel genoeg je eigen smaak. Een beetje lezen over wijn kan geen kwaad. Er zijn verschillende goede wijntijdschriften in Nederland, met goede informatie over wijn wereldwijd en apart katernen met proefnotities
Dit is het tweede artikel over het bewaren van wijn: hoe zit dit met rode, witte en edelzoete wijnen? En welke zijn klassieke bewaarwijnen?
Rood
Een bewaarwijn is niet per definitie maar wel meestal een rode wijn. Van rode wijn is bekend dat bij het ouderen de fenolen een belangrijke rol spelen. Deze fenolen zijn de looistoffen (tannines) en de kleurstoffen. Ze gaan na verloop van tijd met de zuurstofverbindingen aan die als bezinksel worden afgezet. Dit verklaart waarom oude(re) rode wijnen minder tannineus zijn dan jonge en waarom ze minder rood-blauwe kleurstoffen hebben. Tegelijkertijd gaan de duizenden (!) elementen die bijdragen aan de geur en de smaak van de wijn zowel onderlinge reacties aan als reacties met de fenolen. Hierdoor ontstaan steeds complexere samenstellingen, zo complex dat de term boeket voor het aroma van een gerijpte wijn inderdaad op zijn plaats is.
Wit
Hoe zit het met wit? In het algemeen geldt dat witte wijnen gevoeliger zijn voor zuurstof dan rode, en daarmee ook voor verkleuring. Ze bezitten namelijk veel minder fenolen dan rode. De gangbare opvatting is dat ze daardoor minder goed zouden rijpen dan die rode. Toch is dat geen afdoende verklaring. Zie bijvoorbeeld hoe Rieslings zich jaren lang op fles kunnen ontwikkelen. Veel langer dan, pak weg, een rode wijn als Beaujolais Villages. En dat terwijl die Rieslings én weinig fenolen én weinig conserverend werkende alcohol hebben. Waar ze wel over beschikken zijn zuren en extract. Wijnen die wel een 'malo' ondergaan, zoals nogal wat Chardonnays uit de Nieuwe Wereld, verliezen daardoor een deel van de voor rijping zo cruciale appelzuren en ontwikkelen daardoor snel.
Edelzoet
De ervaring leert verder dat edelzoete wijnen die gemaakt zijn van laat geoogste of van door botrytis (edele rotting) aangetaste druiven in de regel uitstekend ouderen. Evenals zuren werken ook restsuikers conserverend. Wellicht is er nog een bijkomende factor met een gunstig effect op de rijping: een hoog extract van mineralen in de wijn.
Klassieke bewaarwijnen
Welke flessen zijn nu concreet de moeite van het bewaren waard? Wijnen die zonder problemen een jaar of tien opgelegd kunnen worden zijn o.a.:
Vintage Port.Porto levert met het type Vintage - wijn met een oogstjaar - dé klassieke bewaarwijn bij uitstek. Grote Vintages blijven decennia lang onwaarschijnlijk vitaal. Tegelijk is dit een van de weinige uitzonderingen op de regel dat versterkte wijnen onmiddellijk drinkbaar zijn.
Bordeaux.Goede nummer 2, zij het uitsluitend op het hoogste niveau, d.w.z. dat van crus classés. Ook Sauternes, een van 's werelds klassieke botrytiswijnen rijpt voortreffelijk.
Bourgogne. Goede rode wijnen met premier of grand cru status rijpen goed, zij het niet in die mate als Bordeaux. Voor de meeste witte, gemaakt van chardonnay, geldt dat nog meer. Topwijnen uit Chablis, Meursault en Puligny rijpen daarentegen wel goed.
Rhône.Vooral de grote rode wijnen uit het noorden, gemaakt van de syrah, in appellations als Côte-Rôtie, Hermitage en Cornas.
Sud-Ouest.De rode Madiran, gemaakt van tannat, en de zoete versie van Jurançon (petit manseng).
Midden Loire.Vouvray en Coteaux du Layon, gemaakt van chenin en met botrytis.
Piemonte.Nebbiolowijnen als Barolo en Barbaresco.
Chianti.Alleen op het niveau van Riserva of dat van Super Tuscans, pure Sangiovese of assemblages met cabernet sauvignon.
Brunello di Montalcino.De klassieke Sangiovese uit Toscane.
Spanje & Portugal.Beperkt aantal rode tafelwijnen. In Portugal o.a. Bairrada van de bagadruif. In Spanje wijnen zoals Rioja en Ribera del Duero in (gran) reserva-uitvoering.
Nieuwe Wereld.De grote Cabernets uit Californië. Uit Australië de grote Cabernets en top Shiraz. Eveneens uit Australië botrytiswijnen van sémillon.
Duitsland.Grote Rieslings, en dan vooral de edelzoete botrytiswijnen van het kaliber Auslese, Beerenauslese, Trockenbeerenauslese of Eiswein.
Oostenrijk.Edelzoete botrytiswijnen uit het Burgenland.
Hongarije.Edelzoete Tokaj met botrytis.
Champagne.Meestal niet, want de rijping vindt al plaats tijdens het productieproces. Uitzondering op deze regel vormen de Vintages, vooral wanneer die gebotteld zijn op groot formaat.
(bron: www.wijninfo.nl)
Dit artikel beantwoordt de vraag of en wanneer het zinvol is wijn te bewaren.
Wijn bewaren of niet?
Heeft het zin om wijn te bewaren? En om oogstjaren uit het hoofd te leren? Niet echt; slechts een paar wijnen gaan er op vooruit door ze wat tijd te gunnen. De meeste worden door ze te bewaren wel ouder, maar daarom nog niet beter of lekkerder. Ongeveer 9 op de 10 wijnen komen drinkrijp op de markt en zijn bestemd om binnen een à twee jaar gedronken te worden. De prijs vormt meestal al voldoende indicatie. Het antwoord is dus: Nee, tenzij...
Oogstjaren
Door de enorme technische vooruitgang in wijnbouw en vinificatie (wijnbereiding) zijn oogstjaren een stuk minder belangrijk geworden dan vroeger. Er valt tegenwoordig zo veel aan een wijn te corrigeren, dat dramatisch slechte jaren voltooid verleden tijd zijn. Onderlinge verschillen tussen jaren zijn daarmee niet verdwenen, maar je hoeft je er als consument geen al te grote zorgen over te maken.
Moet je het belang van oogstjaren niet overschatten, je moet het ook weer niet onderschatten. Het is bijvoorbeeld een misvatting om te denken dat de klimaatomstandigheden in Nieuwe Wereldlanden ieder jaar identiek zouden zijn, met altijd zon en nooit vorst of neerslag op verkeerde momenten. Ze krijgen daar gemiddeld wel meer zon dan in grote delen van Europa, maar net zo goed hebben ze er te maken met (te) koele lentes of (te) grote droogte.
Wat de omstandigheden ook geweest zijn en wat oogstjarentabellen ook mogen suggereren, het is uiteindelijk altijd de individuele producent die tekent voor de klasse of het gebrek aan klasse van een wijn. Goede producenten herken je aan wat ze in 'mindere' jaren laten zien.
Zuurstof
Wat gebeurt er nu eigenlijk bij het bewaren van een wijn? Een sleutelrol bij het ouderen van wijn speelt de inwerking van zuurstof. Als je een wijn maar lang genoeg aan zuurstof blootstelt, leidt dat tot de afbraak ervan. Wil je een eenmaal gerede, gebottelde wijn bewaren, dan moet je de invloed van die zuurstof tot een minimum beperken. Doe je dat niet, dan zal de wijn snel oxideren. De bedoeling is juist dat die oxidatie heel langzaam verloopt.
Maar ook zonder inwerking van zuurstof - bijvoorbeeld wanneer een fles is afgesloten met een schroefdop - zal een wijn zich toch ontwikkelen, zij het veel langzamer dan een wijn die met een kurk is afgesloten.
Aangezien de kurk in de hals van een horizontaal gelagerde fles door het contact met de wijn nat blijft en dus niet indroogt, verloopt de inwerking van de zuurstof slechts langzaam en heel geleidelijk. Hoe groter het formaat van de fles, des te geringer het effect van de zuurstof op de wijn. Wijn op grote formaten rijpt daarom langzamer en beter dan wijn in standaardflessen.
Een fles wijn die eenmaal ontkurkt is en waar een deel van is uitgeschonken, loopt in kwaliteit terug door diezelfde inwerking van de zuurstof. Hoe snel dat gebeurt, hangt af van de kracht van de wijn. Sluit een aangebroken fles in ieder geval af om dit proces enigszins te vertragen en bewaar witte en ro sé in de koelkast.
(bron: www.wijninfo.nl)






